terug naar top

Stadsschouwburg

Wat is er nieuw in de Stadsschouwburg?
Vrijwel exact 90 jaar na de opening van de Stadsschouwburg Haarlem heropende de schouwburg op vrijdag 26 september 2008 haar deuren. Op 30 september 1918 opende de Stadsschouwburg met het stuk De Heks van Haarlem, dat Frederik van Eeden speciaal voor de nieuwe Stadsschouwburg had geschreven. De Haarlemse toneelschrijver Ad de Bont zet deze traditie voort met een nieuw geschreven werk: Batte, een eigenwijze musical. In de periode tussen De Heks van Haarlem en Batte is er veel veranderd in de Stadsschouwburg. De meest intensieve verbouwing heeft de laatste vijf jaar plaatsgevonden, maar het is de moeite waard. Architect Erick van Egeraat heeft de Stadsschouwburg prachtig gerenoveerd en aangepast aan de eisen van deze tijd. Het gebouw kan weer 90 jaar mee.
 
Gevel
Wat natuurlijk meteen opvalt aan de gerenoveerde Stadsschouwburg is de monumentale toneeltoren aan de achterkant van het gebouw. Erick van Egeraat heeft met deze toneeltoren duidelijk een verband gelegd met de Bavo Kathedraal aan de overkant van het water. Heel speciaal zijn de ornamenten van keramiek gemaakt door Babs Haenen. Keramiek aan de buitengevel was in de jaren ’20 zeer trendy en u ziet het dan ook verwerkt in het voorgebouw. Babs Haenen heeft zich duidelijk laten inspireren door het oude keramiek.
 
Ingang
De ingang van de Stadsschouwburg blijft op het Wilsonsplein maar bevindt zich nu iets onder straatniveau, gelegen aan een prachtig schuin aflopend plein, een ideaal nieuw ontmoetingspunt . Direct bij de entree is de Kassa van de Stadsschouwburg die geopend is vanaf een uur voor aanvang van een de voorstelling. De dagkassa van de Stadsschouwburg is om praktische redenen gevestigd in het Bespreekburo van de Philharmonie (Lange Begijnestraat 11).
 
Garderobe
Direct na de ingang vindt u de garderobe waar het vroeger nog wel eens dringen was, daar is nu geen sprake meer van. Wat meteen opvalt zijn de kleurige mozaïekwanden die Erick van Egeraat door het hele gebouw heeft aangebracht. Dit is een ferme knipoog naar de jaren toen architect J.A.G.van der Steur het gebouw heeft ontworpen.
 
Lift
Beneden aan de rechterkant is de nieuwe lift. Deze lift bevindt zich in het voormalige trappenhuis naar het 2e balkon, het schellinkje. het schellinkje had vroeger een aparte ingang, zodat het volk zich niet kon mengen onder de gegoede burgerij. Dankzij deze achterhaalde tweedeling, hebben wij nu de mogelijkheid met een lift het gebouw overal voor iedereen toegankelijk te maken.
 
Jos Brink Foyer
In de voormalige ingang is nu een nieuwe foyer gecreëerd, die het historische gebrek aan foyerruimte enigszins compenseert. Deze nieuwe foyer is genoemd naar de in 2007 overleden theatermaker Jos Brink, die in de jaren ’70 en ‘80 bijna al zijn stukken in deze schouwburg in première liet gaan. Daarnaast was hij zeer  begaan met het lot van het gebouw.
 
Zaal
De zaal van de Stadsschouwburg, de kern van het rijksmonument, is volledig in oude luister hersteld.Het sombere bruin is weg en rood en goud zijn er voor in de plaats gekomen. De bijnaam bonbonnière voor de schouwburg is hier wel zeer terecht.  Ook de ornamenten rondom het toneel zijn terug. Het prachtige plafond is volledig gerestaureerd en de aanschaf van de nieuwe kroonluchter is mede tot stand gekomen door een gift van Boudewijn de Groot. De stoelen zijn zeer comfortabel met meer beenruimte, al zijn het er nu (658) daardoor 100 minder dan voorheen. De toneelopening is iets vergroot, maar het achtertoneel en de zijkanten zijn behoorlijk uitgebreid, zodat het voor de acteurs niet meer dringen is in de coulissen. Op het 1e en 2e balkon zijn in de zijloges losse stoelen geplaatst, nekkramp en opgevouwen benen behoren daarmee tot het verleden!
 
Spiegelfoyer
Bij het 1e balkon is de Spiegelfoyer in ere hersteld. Net zoals alle andere onderdelen in de schouwburg is de Spiegelfoyer gerestaureerd zonder dat er rigoureus is gesloopt. Er is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de oude elementen. De raampartijen bijvoorbeeld zijn dezelfde uit 1918. Groot verschil met vroeger is dat de bars nu aan de korte zijden staan van de foyer en niet meer voor de ramen, zodat u kunt genieten van het uitzicht over het Wilsonsplein. In deze foyer kunt u geregeld aanschuiven bij de Gulle Tafel of te wel te dineren met uw medebezoekers aan lange tafels in Italiaanse sferen.
 
Torenfoyer
Neem ook een kijkje in de Torenfoyer bij het tweede balkon. Uit dit voormalige kantoortje is een verdieping uitgebroken en omgebouwd tot een kleine foyer. Het roze schittert u tegemoet en hier kunt u duidelijk zien dat iedere verdieping een eigen sfeer heeft, van ouderwetse chique tot het post modernisme van deze tijd.
 
Achtergebouw & toneeltoren
Dit is het domein van de acteurs, actrices, cabaretiers, zangers, danseressen en musici. Verboden gebied voor de bezoeker, maar u moet zeker proberen tijdens één van de rondleidingen (bijvoorbeeld in september tijdens de Stad als Podium) een kijkje te nemen in het achtergebouw. Hier ging het eigenlijk allemaal om. Het toneel was te klein, kleedkamers te weinig en er was geen ruimte meer om de decors, die in de loop der jaren alsmaar groter werden, te herbergen. Deze problemen zijn nu allemaal de wereld uit. Aan de achterkant is een speciale ingang voor vrachtwagens die door middel van een enorme lift het achtertoneel kunnen oprijden. De toneeltoren is 24 meter hoog met voldoende plaats voor licht en decor. Het best bewaarde geheim van het achtergebouw is misschien het grote repetitielokaal met dezelfde dwarsdoorsnede als de toneelopening in de grote zaal. Hier kunnen theatergroepen in alle rust hun producties voorbereiden. Niet alleen professionele groepen kunnen dit lokaal huren ook de amateurs zijn van harte welkom.